ZAAIEN EN PLANTEN

ZAAIEN EN PLANTEN

Zaad kan stoffijn zijn, maar een kokosnoot is ook een zaad! Alle bloeiende planten vormen zaad om zich voort te planten. Er zijn ook planten die niet bloeien en dus geen zaden vormen, maar sporen. Voorbeeld: varens. De vermeerdering uit sporen gaat heel anders dan uit zaad. Dat is veel ingewikkelder en blijft hier buiten beschouwing. In de moestuin komen geen sporenplanten voor (tenzij u eetbare paddenstoelen wilt gaan telen).

EENJARIGE PLANTEN

Het overgrote deel van de moestuinplanten is niet blijvend of meerjarig zoals rabarber of asperges, maar is eenjarig of wordt eenjarig geteeld. Dat betekent dat ze binnen één jaar van zaadje moeten uitgroeien tot oogstbare plant of oogstbare vruchten moeten geven.

 
EXOTEN

We eten vrij veel plantensoorten die hier niet van nature thuishoren. Tomaten bijvoorbeeld komen oorspronkelijk uit de tropische delen van Zuid-Amerika. Veel keukenkruiden stammen uit gebieden rond de Middellandse Zee. De meeste granen die we eten kwamen ooit uit het Midden-Oosten. Dat betekent dat veel planten het hier zonder onze hulp niet redden.


We hebben natte, koude winters en korte, vaak wisselvallige zomers. Prima voor inheemse planten die daaraan zijn gewend, maar zeker 50% van onze moestuingewassen wil het eigenlijk anders hebben om goed uit te kunnen  groeien, te gaan bloeien, vruchten te vormen en die ook nog te laten rijpen. Voorbeelden van zulke koukleumen zijn tomaten, meloenen, pepers en paprika’s, aubergines, suikermaïs enz.


BINNEN BESCHERMD VOORZAAIEN

Om veel planten de tijd te gunnen om hun hele levenscyclus goed te volbrengen, moet er al vroeg worden gezaaid. Buiten kan dat met gevoelige soorten pas vanaf half mei (dan is de kans op nachtvorst wel geweken). Maar dan kan de resterende warme tijd van het jaar te kort zijn voor sommige soorten moestuinplanten. Daarom worden gevoelige soorten al vanaf januari-februari in een lichte, warme, beschutte ruimte voorgezaaid. Dat geeft ze een voorsprong. Het kan bijvoorbeeld in speciale zaaibakjes op de vensterbank of in een verwarmde kas of serre.

 

VOORZAAIEN, WAT HEEFT U NODIG?

  • Zaaibakjes met doorzichtig, afsluitbaar deksel. Voor vrij grote zaden zijn zaaibakjes met een onderverdeling (aparte potjes of schotjes) handig, Ook als u verschillende zaadsoorten in één zaaibakje wilt laten kiemen.
  • Speciale fijne zaai- of stekgrond
  • Een lichte plek voor een raam (wel licht, maar niet in de volle zon) of in een kas of serre.
  • Een gietertje met fijne broes (het opzetstuk met gaatjes op de schenktuit). Die moet ervoor zorgen dat de zaden niet wegspoelen als u water geeft.
  • Potjes om later (na opkomst) in te verplanten.

N.B.
Er is nu ook zaai- en oogstgrond. Dus fijne, niet zwaar bemeste grond waarin u kunt zaaien, maar waarin de planten ook verder kunnen blijven staan en worden verzorgd tot ze worden geoogst. Ideaal voor snelle teelten, bijv. kiem- en bladgroenten!


SOMMIGE ZADEN STELLEN BIJZONDERE EISEN

Koudekiemers

Sommige zaden moeten eerst een koude periode doormaken voordat ze willen kiemen. Dat zijn zogenaamde koudekiemers. Dat geldt bijvoorbeeld voor walnoot, framboos en vlier. Bij groentesoorten komt het bijna niet voor. Zulke zaden kunt u in een pot zaaien en die in de wintermaanden buiten zetten, maar u kunt ze ook een paar weken in diepvries doen en ze daarna zaaien.

 

Lichtkiemers

Andere zaadsoorten zijn lichtgevoelig (de zogenaamde lichtkiemers). De meeste zaadsoorten kiemen liefst in de donkere, warme aarde, maar er zijn er ook die juist niet moeten worden afgedekt en in het licht willen kiemen. Ook dit soort informatie staat altijd op de zaadverpakking.

 

Makkelijke kiemers

De meeste moestuinsoorten doen niet moeilijk. Na het zaaien verschijnen dan binnen drie weken (of al veel eerder) de kiemplantjes.


BINNEN ZAAIEN IN ZAADBAKJES

1. Zorg dat de te bezaaien grond in de bakjes iets vochtig is. De grond is voldoende vochtig als bovenlaag van de grond donker wordt.
2. Zaai (vooral fijn zaad) zo dun mogelijk (de zaadjes niet op hoopjes bij elkaar, maar zo goed verspreid als maar mogelijk is). Meng fijn zaad eventueel met wat zilverzand voor een betere verdeling.
3. Grote zaden apart in de zaaigrond duwen.
4. Daarna de zaden afdekken met een fijn, dun laagje zaaigrond.
5. Licht aandrukken.
6. De zaaigrond nog eens besproeien (niet nat, maar vochtig!)
7. Daarna het doorzichtige deksel sluiten.
8. Het geheel op een warme, lichte plek zetten (eventueel voor bodemwarmte zorgen; op een vensterbank boven een radiator kan ook).
9. Zorg dat de ingezaaide grond voldoende vochtig blijft (tijdens de dagen/weken daarna zo nu en dan even bijgieten).
10. Rustig afwachten tot de eerste kiemplantjes verschijnen.
11. Zaait u meer soorten in één bak dan is het handig houten of kunststof etiketten er bij te zetten met hun naam erop (gebruik een watervaste stift).
 
N.B.

Zorg dat u altijd met schone materialen werkt. Kiemende zaden zijn erg gevoelig voor schimmels!


Als de planten zijn gekiemd

U kunt de plantjes ieder apart in een eigen potje uitplanten zodra ze groot genoeg zijn om ze beet te pakken. Ze hebben dan meestal een steeltje met twee kiemblaadjes. Haal ze voorzichtig uit de zaaigrond en plant ze in de potjes. In de aparte potjes kunt u ze verder opkweken tot u ze buiten kunt uitplanten (vanaf half mei).


N.B.

Plant de binnen opgekweekte plantjes niet in één keer buiten uit, maar laat ze afharden (acclimatiseren) door ze eerst een paar keer overdag bij mooi weer (beschut) buiten te zetten. Daarna kunnen ze definitief naar buiten.


BUITEN ZAAIEN IN DE VOLLE GROND ZAAIEN

Liefst in rijtjes zaaien

Het zaaien in rijtjes heeft diverse voordelen:

  • De planten die in regelmatige rijtjes opkomen zijn goed te onderscheiden van het onregelmatig opkomende onkruid.
  • Wieden, grondbewerking en oogsten is veel makkelijker.
  • Door rijtjesteelt kunnen verschillende gewassen dicht naast elkaar worden geteeld. Naast bieten kunnen uien groeien en naast de uien een rijtje sla. Die soorten beschermen elkaar ook nog!
  • U kunt van snelgroeiende soorten steeds kleine beetjes zaaien (niet alles tegelijk). Als u die zaaisels in tijd spreidt, hoeft u ook niet alles ineens te oogsten.
  • Als er een ziekte uitbreekt, kan die bij afwisselende rijtjes maar heel beperkt effect hebben.

 

Rijtjes maken

1. Zaai alleen in fijn geharkte, losse grond.
2. Span een lijntje tussen twee pootstokjes (die zijn gebruiksklaar te koop).
3. Maak met een schoffel, schepje of de rug van een hark een ondiepe geul langs de lijn.
4. Voor meer rijtjes: houd rekening met de volwassen maat van de planten die u zaait. In veel gevallen zult u 30-40 cm tussen de rijen moeten aanhouden.
5. Leg of strooi de zaadjes in de geul.
6. Met grond afdekken.
7. Licht aandrukken.
8. Water geven.

Tips

  • Zaai aan de rand van moestuin een rijtje zonnebloemen. De meesjes die op de zaden in de bloemen afkomen, zullen ook de rupsen bij uw planten weghalen.
  • Grote zaden (bonen, erwten) in groepjes van drie bij elkaar zaaien. Daarvan komt er altijd minimaal één op. Laat er maximaal twee staan.
  • Zorg bij klimmende soorten voor een goede klimsteun voordat u gaat zaaien!

 

Wanneer zaaien

Vaak kunnen weinig vorstgevoelige moestuinsoorten (spinazie bijvoorbeeld) al vanaf begin maart buiten worden gezaaid. De meeste gewassen pas vanaf eind maart. Het juiste moment staat altijd op de zaadverpakking.

Een boerentip: let op het uitlopen van de boomknoppen. Als dat gebeurt betekent dat dat de grondtemperatuur al oploopt. Dan kan er worden gezaaid. Wanneer u al voor het zaaien een plastic tunnel over de in te zaaien grond zet, helpt dat ook om de grond op te warmen. Na het zaaien kan het tunneltje er weer overheen. Lichte grond (zand) warmt sneller op dan zware grond (klei).


Tips

Niet zaaien als het waait (fijn zaad waait dan gemakkelijk weg).
Fijn zaad liefst vanaf een omgevouwen krant of iets dergelijks uitstrooien. Dat werkt vaak erg goed.
Bescherm uw zaaisels tegen vogels (met tunnels, netten of wat ook). 

Hoe weet u nu wat wanneer gezaaid moet worden?

Wat en wanneer iets met een bepaalde soort zaad moet gebeuren, staat op ieder zaadzakje of zaadpakje. Gewoon de aanwijzingen opvolgen en dan zal het prima lukken. Om een idee te geven zie bijgaand overzicht.

Kalender zaaien
 

ALS DE PLANTJES OPKOMEN

Dan moet u zorgen dat ze op de juiste onderlinge afstand komen, zodat ze elkaar niet verdringen. Vaak is er te dicht gezaaid en zult u moeten uitdunnen (de plantjes die te dicht op elkaar staan, uittrekken). De juiste onderlinge afstanden staan altijd op de zaadverpakking. Ze verschillen per soort.

  • Uitdunnen als de plantjes ca. 5 cm groot zijn.
  • Houd met twee vingers de plantjes die mogen blijven staan, vast en trek de andere uit.
  • Meestal worden de uitgetrokken plantjes weggedaan, maar u kunt ook proberen ze ergens anders opnieuw te planten (lukt niet of moeilijk met wortelgroenten). Ook kunt u de jonge plantjes vaak als kiemgroente eten.

 

Kom snel naar de winkel om ons assortiment te bekijken!

Nieuwsbrief

Ja, ik wil de nieuwsbrief ontvangen, dan blijf ik altijd op de hoogte van alle activiteiten en voordeelacties.

 
 
 

Informatie

Smullen uit eigen tuin

Moestuin

Moestuin

Verse aardappelen, groenten, fruit of kruiden uit uw eigen tuin? Dat is heel gezond én extra lekker!
Als elke meter telt

Als elke meter telt

Lijkt een moestuin u leuk maar heeft u weinig tijd of ruimte? Kies dan voor een mini moestuin op slechts één vierkante meter of vensterbank!

Saladebak

Kweek je eigen groenten en kruiden in de Saladebak
Zaaien en planten

Zaaien en planten

De meeste mensen realiseren zich dat niet, maar in een plantenzaadje is alles al aanwezig is om tot volwassen plant uit te groeien.
Teeltwisseling

Teeltwisseling

Door de verschillende soorten groenten jaarlijks een andere plek te geven houdt u uw moestuin gezond.
Combinatieteelt

Combinatieteelt

Welke planten zijn liever verre vrienden dan goede buren?
Aardappelen en ander pootgoed

Aardappelen en ander pootgoed

Alles over het poten van aardappelen, aardperen, asperges en rabarber.
Groenten

Groenten

Bepaal met behulp van onze informatie welke groente u zelf wilt verbouwen.
Fruit

Fruit

Wat is er lekkerder dan vers fruit uit eigen tuin? Dat kan zelfs in een kleine stadstuin
Kruiden

Kruiden

U kunt uw favoriete gerechten nog lekkerder en gezonder maken met uw eigen gekweekte kruiden
Oogsten en bewaren

Oogsten en bewaren

De zelfgekweekte gewassen wilt u na de oogst natuurlijk ook goed kunnen bewaren, zodat u er het hele jaar profijt van heeft.

Tuingrondtest

Nú gratis bemestingsadvies, straks een mooiere tuin!

Hobbykassen

Kweken in een kas

Kweken in een kas

In de kas kunt onafhankelijk van weer en jaargetijde altijd verse groenten en fruit kweken!
Koude kas kalender

Koude kas kalender

De koude kas gebruikt u vooral om het seizoen te verlengen, eventueel in combinatie met teelt in de volle grond.
Koele kas kalender

Koele kas kalender

De koele kas heeft een verwarming die zorgt dat de temperatuur niet onder de 4,5 °C zakt. Hierdoor wordt het seizoen nóg langer.
Gematigde kas kalender

Gematigde kas kalender

Een gematigde kas wordt ook ’s nachts nooit echt koud, waardoor u min of meer onafhankelijk bent van de seizoenen.
De kas verwarmen

De kas verwarmen

Een verwarmde kas is ideaal om uw kuipplanten in te laten overwinteren.
Zaaikalender kassen

Zaaikalender kassen

Ook in de kas is het van belang dat u het ritme van de planten in de gaten houd. Wij hebben een kalender voor u samengesteld.

Gazon

Ik wil een mooi gazon

Ik wil een mooi gazon

Het ene gazon is het andere niet. Welk gazon wilt u? Een sterk speelgazon om lekker op te ravotten of een prachtig siergazon?
Gazon bemesten en bekalken

Gazon bemesten en bekalken

Voor een mooi gazon is regelmatige bemesting nodig, want ook gras heeft soms behoefte aan extra voedingsstoffen.
Gazon maaien

Gazon maaien

Wanneer moet u uw gazon maaien? Op welk hoogte moet u het gras afsnijden?
Uw gazon verticuteren

Uw gazon verticuteren

Gazonvilt vormt een gevaar voor uw gazon, Verticuteer het daarom regelmatig!
Uw gazon water geven

Uw gazon water geven

Wanneer en hoe kunt u nu het beste water geven aan uw gazon?
Onkruid, ziekten en plagen in uw gazon

Onkruid, ziekten en plagen in uw gazon

In uw gazon kunt u last krijgen van onkruid, mos en andere lastpakken… Wat kunt er aan doen?
Gazonkalender

Gazonkalender

Wanneer moet u wat doen voor uw gazon. Wij hebben alle werkzaamheden voor u op een rijtje gezet…

Tuingrondtest

Nú gratis bemestingsadvies, straks een mooiere tuin!

Siertuin

Tuinplanten

Tuinplanten

Hoe creëert u uw ideale tuin met prachtige planten en geurende bloemen?

Tuingrondtest

Nú gratis bemestingsadvies, straks een mooiere tuin!
Planten en verplanten

Planten en verplanten

Hoe en wanneer kunt u het beste planten in uw tuin zetten of uw kuipplanten verpotten?
Bollen

Bollen

Van de honderden soorten bloembollen steken er drie met kop en schouders bovenuit: de tulp, hyacint en narcis.
Planten in potten

Planten in potten

Ook als uw een kleine tuin heeft of balkon kunt u uw eigen siertuin creëren!
Een tuin vol bloemen

Een tuin vol bloemen

Met een heerlijk geurende bloementuin doet u niet alleen uzelf een plezier maar ook de vlinders en de bijen.

Tuinonderhoud

Goede grond

Goede grond

Waar moet een goede tuinbodem aan voldoen wilt u een gezonde mooie planten krijgen?

Tuingrondtest

Nú gratis bemestingsadvies, straks een mooiere tuin!
Onkruid, ziekten en plagen

Onkruid, ziekten en plagen

Ook voor onkruid, ziekte of plagen in uw tuin geldt voorkomen is beter dan genezen
Snoeien en knippen

Snoeien en knippen

Hoe pakt u het snoeiwerk van planten, struiken en bomen op een handige manier aan?
Water geven

Water geven

Wanneer en hoe kunt u uw planten het beste water geven?
Composteren

Composteren

Goede én goedkope compost kunt u zelf produceren uit uw eigen tuinafval
Mest en andere voedingsstoffen

Mest en andere voedingsstoffen

Welke extra voedingsstoffen hebben uw planten nodig om groot en sterk te worden?